• Home
  • Burger en Bestuur
  • Omgevingsdialoog

De omgevingsdialoog

Omgevingsdialoog volgens BügelHajema
In de praktijk van de ruimtelijke ordening stuiten we steeds vaker op de term omgevingsdialoog. Maar wat is nu precies een omgevingsdialoog en waarin onderscheidt deze zich van de reguliere inspraak?

 Een antwoord op deze vraag kan gevonden worden in de volgende vier grote verschillen:

1. Het moment
De omgevingsdialoog start zo vroeg mogelijk, in de fase van het eerste idee of initiatief. Is bij inspraak het proces gericht op een onderbouwing van de reeds gemaakte keuzes van een uitgewerkt plan, bij de omgevingsdialoog is het juist de bedoeling dat de input vanuit de omgeving betrokken wordt bij het verdere ontwerp. Wanneer de dialoog start in een latere fase van de planontwikkeling, zijn vaak al stevige kosten voor onderzoek en ontwerp gemaakt. Voor de initiatiefnemer wordt het dan lastiger en kostbaar om het plan aan te passen aan eisen of wensen vanuit de omgeving. En dat terwijl deze wensen vaak eenvoudig ingepast kunnen worden waardoor het plan er beter op wordt (omdat het draagkracht heeft) en ondoelmatige kosten (door dubbel werk en lange procedures) worden bespaard.

2. De initiatiefnemer
Bij de omgevingsdialoog ligt de verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer zelf, terwijl  inspraak georganiseerd wordt door de overheid. De omgevingsdialoog past daardoor veel beter in de transitie die onze samenleving doormaakt van een 'maakbare' verzorgingsstaat naar een participerende samenleving waarin  burger, ondernemer, of  initiatiefnemer zelf verantwoordelijkheid neemt voor de inpasbaarheid van en het draagvlak voor zijn initiatief. Hierbij valt regelmatig de term 'ontwikkelingsruimte moet je verdienen'. Er mag verwacht worden dat het initiatief ook bijdraagt aan een maatschappelijke meerwaarde.

3. De plek
Een omgevingsdialoog vindt niet plaats in het gemeentehuis of in een anoniem zaaltje in de buurt (zoals dat gaat bij inspraakbijeenkomsten). Een goede dialoog vindt plaats aan een gewone (keuken)tafel, bijvoorbeeld bij de initiatiefnemer thuis of in het bedrijf waar het initiatief speelt. Het gaat immers in eerste instantie gewoon om een goed gesprek tussen de initiatiefnemer en de buren. Veel weerstand uit de omgeving is gebaseerd op gebrek aan kennis over het initiatief, de initiatiefnemer en de inspanningen die al verricht worden om eventuele negatieve invloeden van de activiteiten op de omgeving te beperken. Samen kan vervolgens bezien worden welke mogelijkheden er zijn om het initiatief zo in te passen dat dit optimaal geaccommodeerd kan worden. Zonder overlast te creëren voor de omgeving of, liever nog, zelfs een bijdrage te leveren aan de omgevingskwaliteit.

4. De werkwijze
Waar inspraak begint met een presentatie van de plannen, start de dialoog met een kop koffie en een lege tafel waaraan de initiatiefnemer zelf vertelt wat het probleem of de ambitie is waar hij een oplossing voor zoekt. In feite gaat het er om dat de omgeving gevraagd wordt om mee te denken hoe het initiatief het beste ingevuld kan worden. Dat genereert betrokkenheid en het gevoel ook daadwerkelijk bij te kunnen dragen aan de oplossing van het probleem en de kwaliteit van de eigen leefomgeving. Het is daarbij van belang dat helder geschetst wordt binnen welke kaders de dialoog gevoerd kan worden. Het heeft weinig zin om tot ideeën of oplossingsrichtingen te komen die haaks staan op bijvoorbeeld staand beleid of geldende wet- en regelgeving. Daarnaast is het van belang dat de procesbegeleiding het vermogen heeft om vanuit kennis van de materie, mogelijkheden te schetsen die bij kunnen dragen aan een oplossing. Eén die kan bogen op draagvlak én planologisch, juridisch en financieel uitvoerbaar is.   

Wat doen wij?
BügelHajema Adviseurs begeleidt omgevingsdialogen in heel Nederland, van Fryslân (de Nije Pleats) tot Brabant (Brabantse ZorgVuldigheidscore BZV). De omgevingsdialoog als middel beperkt zich niet tot de een-op-een-situatie van een locatie. Het leent zich ook uitstekend voor situaties waarbij de leefbaarheid én zelfredzaamheid in dorpen, buurten en wijken de onderwerpen zijn.
Een omgevingscontract kan daarbij een nieuwe verhouding bevestigen tussen de overheid en de participerende buurt, wijk of dorpsbewoners bij de ontwikkeling en het beheer van de eigen leefomgeving (zie ook www.omgevingscontract.nl).  

Neem voor meer informatie contact op met:

Assen
andriesAndries van den Berg
Directeur/
Landschapsarchitect BNT
(0592) 316 206

Amersfoort
basBas Verbruggen
Directeur/
Stedenbouwkundige AvB
(033) 465 65 45

Leeuwarden
Nelleke1 vierkantNelleke Linthorst
Planoloog
(058) 215 25 15