• Home
  • Actueel
  • Ontheffingen voor ruimtelijke ingrepen in de nieuwe Wet natuurbescherming

Ontheffingen voor ruimtelijke ingrepen in de nieuwe Wet natuurbescherming

buitengebied hilvarenbeek2Op 1 januari 2017 wordt de Wet natuurbescherming van kracht. Deze wet vervangt o.a. de Flora- en faunawet. Wat zijn de veranderingen in de procedure van de ontheffing voor ruimtelijke ingrepen? Hieronder een overzicht.

Gedeputeerde Staten verlenen straks de ontheffingen voor ruimtelijke ontwikkelingen. Onder de Flora- en faunawet moesten deze ontheffingen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) aangevraagd. Een opmerkelijke verschuiving dus van het bevoegd gezag van Rijk naar provincies. Leidt dit tot verschillen in de ontheffingverlening tussen de provincies?
Wel voor wat betreft de soorten waarvoor ontheffing moet worden verleend , maar waarschijnlijk niet voor de wijze waarop getoetst wordt. Alle provincies hebben een eigen provinciale lijst opgesteld met soorten waarvoor een vrijstelling geldt bij ruimtelijke ingrepen. Dat wil zeggen dat voor deze soorten geen ontheffing hoeft te worden aangevraagd. Deze vrijstellingslijsten verschillen van elkaar, dus kan in de ene provincie een ontheffing nodig zijn voor een soort waarvoor in een naastgelegen provincie een vrijstelling geldt.

Zoals het er nu naar uitziet maken de provincies onderling afspraken over de wijze van toetsen, en zal op basis van dezelfde documenten worden getoetst; de zogenoemde ´factsheets´ (opvolger van huidige soortenstandaards). Hierover vindt inmiddels overleg plaats tussen de provincies. Grote verschillen tussen provincies in de wijze van toetsing worden hierdoor niet verwacht.

De beslistermijn is evenals bij de natuurvergunning 13 weken, met een eenmalige verlenging van 7 weken. De keuze tussen een zelfstandige procedure en aanhaken bij een omgevingsvergunning voor bijvoorbeeld bouwen blijft, net als nu, mogelijk.
Voor de rechtsbescherming wijzigt er bij de ontheffing niets. Nu geldt al de hoofdregel van beroep bij de rechtbank en hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. En dat blijft zo.

Inmiddels is duidelijk dat de RVO de aanvragen afhandelt die daar tot en met 31 december 2016 worden ingediend. Dit heeft de Staatssecretaris in een Kamerbrief op 21 oktober jl. bekend gemaakt.

Petra Smit

Petra Smit

Juriste ruimtelijk bestuursrecht

Contact