Eerste fase reconstructie N629-A27 kan van start

N629

De reconstructie van een provinciale weg is vaak een ingewikkeld proces. Er zijn doorgaans vele belangen mee gemoeid, het vraagt om een nauwe samenwerking tussen provincie en gemeente(n), er moeten vele handen op elkaar gekregen worden en de tijdsdruk is door de aanlegeisen vaak groot. Realisatie en reconstructie van de infrastructuur, alsook het planologische spoor én de dialoog met de vele betrokkenen (omwonenden, grondeigenaren, belanghebbenden) vraagt om een wakkere houding en interactieve benadering.

Lees meer

Succesvolle procesbegeleiding bij herstructureringsopgaven van woningcorporaties

herstructurering

Transformatie en herstructurering. De meeste woningcorporaties hebben ermee te maken. Om dit proces van vernieuwing voldoende resultaat te laten opleveren, moet in het proces vaak flink worden geïnvesteerd. Hoe gaat dit in zijn werk? Een proces in vier stappen, volgens de Mutual Gains Approach:

Lees meer

Gebundelde krachten Berenschot en BügelHajema 

berenschot

Met het opstellen van de ‘Impactanalyse Omgevingswet’ voor de gemeente Groningen gaan Bureau Berenschot en BügelHajema Adviseurs de krachten bundelen. Op basis van de impactanalyse wil Groningen grip krijgen op de effecten die de transformatie in het ruimtelijk domein op haar organisatie zal hebben. Centraal staan de meting van de nulsituatie en het markeren van het ambitieniveau, met onderscheid tussen de zachte en de harde kant van de leefomgeving. Onder ‘zacht’ valt de bestuurscultuur, onder ‘hard’ de integratie van gebiedsgerichte wetgeving en beleidsthema’s in combinatie met ICT en digitalisering. Met de Impactanalyse beschikt de gemeente Groningen straks over een organisatiebrede ‘scan’ die haar inzicht geeft in de match tussen ‘moeten’, ‘willen’ en ‘kunnen’ op weg naar de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Lees meer

De nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking

ladderduurzameverstedelijkingSinds 23 juni jl. ligt een voorstel tot aanpassing van de Ladder voor duurzame verstedelijking bij de Tweede Kamer. Wat houdt de wijziging, zoals minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu deze heeft ingediend, werkelijk in? De NEPROM (Verenging van Nederlandse Projectontwikkeling Maatschappijen) en andere belanghebbenden hamerden al langer op een aanpassing van de Ladder, die in hun ogen leidt tot hoge onderzoekslasten, onduidelijke definities en te veel bezwaren van belanghebbenden. Die grijpen het instrument vaak aan om vanuit concurrentieoverwegingen bezwaar te maken tegen ontwikkelingen.

Met het voorstel tot aanpassing lijkt de minister te hebben geluisterd naar de praktijk. De eerste reactie van NEPROM is positief, zij is van mening dat met de aanpassing zorgvuldig ruimtegebruik en bescherming van het buitengebied meer centraal komen te staan en dat het uitgebreide motiveringsvereiste voor binnenstedelijke ontwikkelingen komt te vervallen. Maar is dat wel zo?

Lees meer

Wat als de ‘mits’ in het bestemmingsplan mist?

lpg2

Jurisprudentie

Moeten de condities die nodig zijn om een bestemmingsplan uitvoerbaar te maken, worden opgenomen in de regels? Als het aan de Raad van State ligt, is dit wel het geval.

Een recente uitspraak bevestigd deze ontwikkeling, die al een aantal jaren gaande is. Op 8 juni 2016 heeft de Raad van State uitspraak (201507529/1/R4) gedaan met betrekking tot een tankstation nabij een afrit van de A7. Appellanten exploiteren een restaurant tegenover het tankstation en vrezen onaanvaardbare veiligheidsrisico’s als gevolg van de vestiging van een verkooppunt van lpg in hun nabijheid. In paragraaf 4.2 van de plantoelichting van het onderhavige bestemmingsplan staat dat het plaatsgebonden risico geen belemmering vormt voor het plan nu de risicocontour binnen het plangebied valt en daarbinnen geen kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten aanwezig zijn of mogelijk kunnen worden gemaakt. Deze conclusie is gebaseerd op een maximale doorzet van 999 m3 lpg per jaar.

Lees meer

Samen de Ladder voor duurzame verstedelijking op

stedelijkeontwikkelingSinds 2012 is bij de voorbereiding van ruimtelijke plannen het toepassen van de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ verplicht. Sinds 1 juli 2017 is de Laddertoets aangepast en versimpeld. 

Sinds 2012 is bij de voorbereiding van ruimtelijke plannen het toepassen van de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ verplicht. Sinds 1 juli 2017 is de Laddertoets aangepast en versimpeld. De Laddertoets houdt in dat gemeenten moeten onderbouwen waarom een nieuwe stedelijke ontwikkeling (zoals extra woningen, kantoren, bedrijventerreinen en winkels) noodzakelijk is in het licht van zorgvuldig ruimtegebruik. Daarbij wordt getoetst of de ontwikkeling in een regionale behoefte voorziet. Ook moet gekeken worden of de ontwikkeling niet in bestaande gebieden en gebouwen kan worden opgevangen (alternatieve locaties). 

De afgelopen jaren is de nodige jurisprudentie op dit vlak verschenen. Als één ding duidelijk is geworden, dan is het wel dat de laddertoets maatwerk is. De invulling van de toets is afhankelijk van de aard van de ontwikkeling, de ligging en de juridische situatie (‘was de ontwikkeling al mogelijk op grond van het geldende bestemmingsplan?’).

Het niet of niet goed uitvoeren van de laddertoets kan ertoe leiden dat een bestemmingsplan strandt bij de Raad van State. Om dat te voorkomen, helpt BügelHajema Adviseurs u graag met de toets aan de Ladder. Wij kennen de ins en outs van de laddertoets en volgen de jurisprudentie op dit vlak op de voet.

Recente publicaties:

Trend: Veegplan Buitengebied biedt mooie kansen

noordoostpolderSteeds meer gemeenten stappen af van het opstellen van postzegelbestemmingsplannen in het buitengebied. Voor ontwikkelingen waarbij een eenvoudige afwijking van het bestemmingsplan niet volstaat, maken veel gemeenten liever een bestemmingsplan waarin alle initiatieven worden meegenomen die op dat moment ‘op de plank’ liggen. De gemeente Noordoostpolder is van plan om met enige regelmaat zo’n bestemmingsplan – een zogenaamd veegplan – op te stellen.

Het voordeel van deze aanpak schuilt vooral in tijdwinst bij de voorbereiding van en tijdens de bestemmingsplanprocedure. Een gemeente is nu slechts eenmaal tijd kwijt aan het begeleiden van een bestemmingsplanprocedure, in plaats van het begeleiden van de diverse afzonderlijke (kleine) bestemmingsplannen. Vanwege de gecoördineerde aanpak kan ook de kwaliteit van de onderbouwing van de afzonderlijke initiatieven toenemen.

Lees meer