BLOG3

  • Home
  • De Omgevingswet: zit ik daar als burger eigenlijk op te wachten?

De Omgevingswet: zit ik daar als burger eigenlijk op te wachten?

tanja
Wanneer je de toelichting op de omgevingswet mag geloven, dan zitten wij als burger allemaal te springen om deze nieuwe wet. Niet alleen de burger die een dakkapel wil bouwen, maar ook burgers die opkomen voor hun belang of willen participeren in de besluitvorming over een activiteit of project. Al deze gebruikersgroepen moeten voordeel hebben van de nieuwe wetgeving. Prachtig toch, zou je denken? Maar is die burger wel klaar voor de rol die hem is toebedeeld?

Ten eerste, waar halen we de tijd vandaan? In een tijd waarin vrijwilligerswerk binnen sportclubs en scholen verplicht wordt gesteld, partners een vaste avond thuis plannen om elkaar te kunnen zien, waarin mantelzorg normaal is en ouderen langer doorwerken, vraag ik me af hoeveel mensen de tijd nemen om te praten over, zeg, de vraag welke omgevingswaarden in het omgevingsplan opgenomen moeten worden. 

Een tweede, nog veel belangrijkere factor is de combinatie van lef en afbreukrisico. Wat als de buurman op de grens met jouw perceel zijn schuur wil vergroten en deze wil gaan gebruiken als kookstudio? Durf je bezwaar te maken? Voor de meesten van ons wordt de kwaliteit van de woonomgeving immers mede bepaald door de relatie met onze buren. Wie wil gezien worden als ‘die buur die over alles zeurt’? Het is nu eenmaal een menselijke eigenschap dat we graag aardig gevonden willen worden en geaccepteerd willen worden in de omgeving waarin we ons bevinden. Onderlinge sociale verhoudingen spelen dan ook een belangrijke rol bij de vraag of men bezwaar maakt. Geluidsoverlast of een lelijk straatbeeld worden voor lief genomen omwille van de goede buur.  

Is er dan geen hoop? Zeker! Maar het vraagt van zowel de gemeente als van ons als adviseurs om een frisse blik op communicatie en participatie. De uitdaging is om een gesprek op gang te brengen tussen overheid, initiatiefnemer en burger waarin iedereen zijn zegje kan en durft te doen. En misschien zouden we dan moeten beginnen door aan de bevolking zelf de vraag te stellen: “Waar wilt u over meepraten en wat wilt u vooral overlaten aan de expertise van ambtenaren?” De inspraakverordening van de gemeente kan dan wellicht worden vervangen door een door de bevolking ingevulde participatieladder; bij welk besluit word je betrokken en op welke manier, van informeren tot co-creatie. Sleutelwoorden zijn daarnaast vroegtijdig (van achteraf reageren naar vooraf meedenken) en gelijkwaardig (omgeving en gemeente zitten als gelijkwaardige partners aan tafel bij de ondernemer). 

Het lijkt me een mooie uitdaging!

Tanja Casimir

Tanja Casimir

Senior adviseur voor de leefomgeving

Contact