tinyhouses

Tiny House, een nieuw fenomeen

tinyhousesklMaar, is een Tiny House eigenlijk wel nieuw? In Groningen heb je een dorp dat zo heet: Kleine Huisjes (gemeente De Marne). Het dorpje is ontstaan langs doorgaande wegen waar de landarbeiders hun huisje mochten bouwen. Het nieuwe zit hem in het feit dat het nog kleiner kan. Een Tiny House is namelijk echt klein. Zo klein, dat je er wel heel bewust voor moet kiezen. Johan Kruiger dook in de achtergronden van het Tiny House en gaf daarover een lezing. Deze paper is een samenvatting van zijn lezing. 

Achtergrond 
Het fenomeen Tiny House is een hype overgewaaid uit Amerika. Er wordt veel over geschreven, er zijn diverse websites, filmpjes, blogs en ga zo maar door.  Trendgevoelige mensen met een beetje ‘wereldverbetersympathieën’ afficheren zich er graag mee. 

Wat is een Tiny House, is het echt nieuw of liggen er raakvlakken met andere vormen van wonen? En wat drijft de bewoners die zo talrijk zijn dat er al sprake is van een Tiny House Movement?  En hoe reageren we vanuit de opgave voor onze leefomgeving?

Het begrip Tiny House kan worden gedefinieerd als een betaalbaar en compact huis(je) met een woonoppervlak dat over het algemeen kleiner is dan 50 m². Een Tiny House kan op veel manieren gebouwd worden, zowel vast, gestapeld als mobiel. Kenmerkend verder is de uniciteit, duurzaamheid en het ‘bevrijd wonen’. Deze combinatie van klein, uniek, duurzaam en ‘bevrijd wonen’ bevatten mooie ingrediënten.

Raakvlakken
Een verkenningstocht. Kleine huisjes waren er vroeger ook, en die waren allesbehalve gezond. Denk aan de beelden van deplorabele huisjes in bijvoorbeeld de veengebieden. Toen in 1901 de Woningwet tot stand kwam, was er een grondslag om goede en gezonde woningen te bouwen, juist ook voor mensen die zich geen eigen woning konden permitteren. Nederland kreeg een respectabele traditie op dit vlak. Mede door aanvullende wet- en regelgeving zijn we gaan professionaliseren en normeren. Zover zelfs, dat het bijzonder lastig is om nu nog een klein huis te bouwen. De woningbouwtraditie en de daaruit voortkomende regelgeving is complex voor een Tiny House maar leert wel dat we gezonde huisvesting belangrijk vinden. 

Zijn er andere parallellen? Denk aan caravans, woonwagens, recreatiewoningen, mantelzorgwoningen en de luxere kampeervormen. Veel van dit type onderkomens zijn qua omvang verwant. Interessant is dat (met uitzondering van de mantelzorgwoning) ze allemaal geassocieerd kunnen worden met ‘bevrijd wonen’. Een andere overeenkomst is dat deze gebouwtypes continu vernieuwd worden met inventieve technische en ruimtelijke oplossingen. Die innovatieve drang is van nut om ook in een kleine ruimte te zorgen voor de zo gewenste gezonde en comfortabele leefruimte.

Nu blijft één aspect nog onderbelicht en dat betreft duurzaamheid. Voor de overtuigde Tiny House-bewoner gaat het om leven met een kleinere ecologische voetafdruk. Letterlijk door een klein huis te bewonen, weinig spullen te hebben maar ook door weinig fossiele brandstoffen te gebruiken en zelfvoorzienend te zijn. Eigen energieopwekking en het hergebruik van afvalwater behoren vaak tot de ambities. 

Het wonen vanuit deze overtuiging is niet direct in balans met het aspect ‘betaalbaar’. Daar zit een risico, want het lijkt dat sommige projecten toch gewild zijn omdat de aangeboden woning betaalbaar is. Nu is betaalbaarheid ook een legitieme afweging, maar het is wel de vraag of je dan wel voor de goede woning kiest. Het leefoppervlak van een Tiny House is en blijft echt minder dan 50 m². 

Verrijking voor de leefomgeving
Als initiatiefnemers kiezen voor een Tiny House, zou het mooi zijn als daar ruimte voor geboden wordt. Maar het vraagt  om creatief meedenken, niet alleen voor wat betreft de bouwregelgeving maar ook voor wat betreft de ruimtelijke inpassing en de daarbij horende regels. Hier ligt een rol voor overheden en adviseurs omdat ‘bevrijd wonen’ in een klein land met 17 miljoen mensen nog best een uitdaging blijkt. 

Het ruimtelijk concept en de bijbehorende spelregels vallen niet als een standaardplan op te zetten. Maatwerk en creativiteit is geboden. Tijdens de lezingavond bij Attiek (het discussieplatform over architectuur en stedenbouw in Leeuwarden), liet de gemeente Leeuwarden zien hoe zij het aanpakken. Leeuwarden kiest voor een locatie op enige afstand van naastgelegen woonbuurten waar een stuk jong bosplantsoen ligt. Binnen de hier geldende bestemming ‘Groen’ zijn tien specifieke plekken van 100 m² aangewezen. Daarop mag 40 m² bebouwd worden met een maximum van 150 m³ en maximaal 6 meter hoog. Bij het plan zijn welstandsrichtlijnen en referentiebeelden geleverd. Voor het plan gelden de normale energieprestatienormen. De grond wordt in erfpacht uitgegeven waardoor er ook gebruik gemaakt kan worden van een uitzonderingsregel op het bouwbesluit. Verder geldt dat er sprake moet zijn van particuliere initiatieven (dit om repeterende bouwsels te voorkomen). Geïnteresseerden kunnen plannen indienen;  deze worden dan gewogen op volledigheid. Vervolgens kan via loting toewijzing plaatsvinden.

Met deze aanpak laat Leeuwarden zien dat er creatief meegedacht wordt waardoor een interessante ontwikkeling op gang kan komen.  Voor sommigen gaat het nog niet ver genoeg. Tijdens de lezing kwam nog een prikkelende gedachte op: zou het fenomeen Tiny House ook een oplossing kunnen bieden om de handhavingsproblematiek op menig recreatiepark op te lossen?

Meer informatie: www.tinyhousenederland.nl

Johan Kruiger

Johan Kruiger

Architectuurhistoricus / adviseur voor de leefomgeving

Contact